Screeninggids
De FMS-test,
uitgelegd.
De zeven testen, hoe je ze scoort en wat het resultaat je wel en niet vertelt voor je een trainingsschema schrijft.
3 min. leestijd · Bijgewerkt oktober 2026
Met de Functional Movement Screen (FMS) krijgt je eerste blik op een nieuw lid een vaste vorm: zeven testen, elk gescoord van 0 tot 3, telkens op dezelfde manier afgenomen. Zo kan je resultaten vergelijken tussen coaches en over de tijd.
Reken op een kwartiertje, tijdens de intake.
De zeven testen
In deze volgorde:
- Deep squat: stok boven het hoofd, zo diep mogelijk zakken
- Hurdle step: over een horde net onder de knie stappen
- In-line lunge: een lunge met beide voeten op één lijn
- Shoulder mobility: vuisten achter de rug, één van boven en één van onder, en de afstand meten
- Active straight-leg raise: op de rug één gestrekt been heffen, het andere blijft liggen
- Trunk stability push-up: één push-up waarbij het lichaam in één stuk omhoogkomt
- Rotary stability: op handen en knieën een arm en een been strekken zonder dat de romp wegdraait
Zo scoor je
- 3: gelukt zoals beschreven
- 2: gelukt, maar met compensatie
- 1: lukt niet
- 0: pijn, op eender welk moment
Vijf testen scoor je links en rechts, en de laagste kant telt. De deep squat en de push-up krijgen één score. Het maximum is 21.
Bij shoulder mobility, de push-up en rotary stability hoort een extra pijntest (clearing test) in een verwante houding. Pijn daarbij maakt van die test een 0.
Bij een 0 stop je en stuur je het lid door naar een arts of kinesist. Dat patroon belast je pas als die ernaar gekeken heeft.
Wat een score je wel en niet vertelt
Onderzoek naar de totaalscore als voorspeller van blessures geeft geen eenduidig beeld. Zeg een lid dus niet dat een 14 betekent dat het zich gaat blesseren. De FMS stelt geen diagnose. Ze is wel goed in pijn en verschillen tussen links en rechts vroeg opmerken, en je hebt een nulmeting voor de volgende screening.
Wanneer screen je?
Bij de intake, zodat de resultaten het eerste trainingsschema bepalen, en opnieuw bij de start van elke nieuwe fase. Gebruik telkens de standaardinstructies en dezelfde volgorde, anders zegt de vergelijking met de eerste screening weinig.
Van score naar trainingsschema
- Pijn: eerst doorverwijzen.
- Een 1: neem een makkelijkere variant van dat patroon en bouw die op voor je gewicht toevoegt.
- Een 1 aan de ene kant en een 3 aan de andere: voeg eenzijdig werk toe en volg de zwakke kant op.
- 2 en 3: train zoals gepland.
Verwerk dat in de oefeningskeuze van de eerste fase. Wie een 1 scoort op shoulder mobility, begint in week één beter niet met drukken boven het hoofd.
Screenen in een drukke zaal
Je hebt een plank, een stok en een horde nodig: de FMS-kit of iets zelfgemaakts. Zet ze klaar in een vaste hoek van de zaal, neem de foto's telkens vanuit dezelfde hoeken en scoor tijdens de screening, niet achteraf. Screenen er twee coaches, spreek dan eerst af wat voor jullie een 2 is.